Games verzamelen in de jaren 90: zo deed je dat

games verzamelenEen computerspel koop je tegenwoordig met één druk op de knop. Heel anders ging dat in de jaren 90. Toen was games verzamelen vooral een sociale bezigheid.

Internet heeft veel veranderd: hoe we met elkaar communiceren, hoe we tv kijken, hoe we onze boodschappen doen. Fascinerend vind ik dat. Ik ben van de generatie die als tiener de komst van het internet in de huiskamer heeft meegemaakt. Misschien denk ik daarom zo vaak terug aan de tijd dat we het nog zonder deze techniek moesten stellen.

Laatst beleefde ik weer zo’n nostalgisch moment. Ik had net een paar games aangeschaft via de webwinkel Steam. Makkelijker kan het niet: games opzoeken in de database, games in het winkelmandje plaatsen, afrekenen met iDEAL en tot slot de games downloaden. Alles bij elkaar had het me nog geen half uur en twintig euro gekost. Dat ging vroeger wel anders, dacht ik.

Games verzamelen: een dure hobby

Ik kreeg mijn eerste computer – een Commodore Amiga 500 – in 1992. Bij het apparaat zaten twee diskettes (ken je ze nog?) met daarop een platformspel en een shoot ‘em up, zoals het genre zo mooi heet. Urenlang heb ik ze gespeeld.

Maar na een poosje wilde ik eens wat anders. De winkels boden weinig soelaas: zeker in Nederland was het aanbod voor Amiga-bezitters karig. Games waren bovendien niet goedkoop. Af en toe kreeg ik mijn ouders zo ver om een spelletje voor me te kopen. Ik herinner me dat ze eens honderd gulden neerlegden voor een historisch strategiespel dat The Patrician heette. Mijn argument dat de game een grote educatieve waarde bezat, moet de doorslag hebben gegeven. (Voor mij als 11-jarige telde alleen het spelelement, maar daarover hield ik wijselijk mijn mond.)

(tekst gaat verder onder de foto)

Amiga 500
Mijn trots in de vroege jaren 90: een Commodore Amiga 500 met 120 MB harde schrijf. Foto: A. Offermans

Gelukkig waren er goedkopere opties. De boekhandels werden mijn toevluchtsoord voor nieuwe spelletjes. Op de bovenste planken prijkten (pal naast de blootbladen van minder allooi) tijdschriften met titels als CU Amiga en Amiga Power. Bij elke aflevering zat minstens één floppy met daarop demoversies van de nieuwste games. Omdat deze computerbladen een stuk minder kostten dan de volledige games, had ik al gauw een hele partij demoschijfjes verzameld.

De verboden (maar gezellige) manier van games verzamelen: kopiëren

Dan was er nog een andere – niet zo legale – manier om aan games te komen. Het kopiëren van spelletjes was strikt genomen verboden, maar het gebeurde op grote schaal. Alles wat je nodig had, was een diskette met daarop de game (origineel of kopie), een computer met kopieersoftware en een leeg schijfje. Natuurlijk verzonnen gameontwikkelaars talloze manieren om piraterij te voorkomen, maar vroeg of laat werd de beveiliging toch wel gekraakt.

Deze verboden bezigheid vormde tegelijk het meest sociale aspect van games verzamelen. Begin jaren 90 bestonden er geen multiplayergames als Minecraft of Call of Duty, maar als gamer hoefde je je beslist niet alleen te voelen. Om de nieuwste spelletjes goedkoop te bemachtigen, ging ik soms op zaterdag naar een ruilbeurs die plaatsvond in het achterafzaaltje van een smoezelig kantoor. Met een doosje lege diskettes en een paar games als ruilmiddel op zak liep ik langs tientallen tafeltjes met computers waarop pubers en jongvolwassenen driftig kopieerden. Op een geslaagde middag ging ik toch al gauw met zo’n vijf nieuwe games naar huis.

Ook het schoolplein begon steeds meer op een ruilbeurs te lijken. Op zeker moment wist iedereen met een computer wie je kon vragen om nieuwe games. En al gauw kwam je bij elkaar over de vloer. Vriendschappen werden gesmeed rondom gemeenschappelijke computersystemen: pc, Amiga, Commodore 64… De bezitters van Nintendo’s en Sega’s leken doorgaans wat minder hecht met elkaar. Ze konden hun spelletjes met elkaar ruilen, maar niet kopiëren. Daar hadden de knappe antipiraterij-koppen in Japan wel voor gezorgd.

Het einde: de komst van supersnel internet

Toen ik in 1995 overstapte naar de pc veranderde er weinig. En ook toen de diskettes plaatsmaakten voor cd-roms en later cd-r(w)’s bleef de ruil- en kopieergemeenschap intact. Pas met de komst van het supersnelle internet verdween het kameraadschap rond games verzamelen. Het bemachtigen van spelletjes gebeurde nu anoniem via torrentsites of webwinkels.

Games kopiëren is er voor mij – mede dankzij de uitstekende prijzen en service van webwinkels als Steam – niet meer bij. Een stuk eerlijker misschien, maar ook een beetje eenzamer.