Google Glass: 3 misverstanden

Google GlassOp 12 december 2013 organiseerde ik voor de Nijmeegse universiteitsbibliotheek een presentatie over Google Glass. Spreker was Robin Hooijer, projectleider bij het Radboud REshape & Innovation Center. Hij toonde ons de hightech computerbril (waarvan er maar een paar in Nederland zijn) én een aantal nuttige toepassingen.

Tijdens Robins praatje viel het mij op dat er veel misverstanden over Google Glass bestaan. De drie meestvoorkomende op een rijtje.

Misverstand #1: “Google Glass betekent het einde van onze privacy”

Met Google Glass kun je niet alleen internetten en apps gebruiken, maar ook foto’s maken en video’s opnemen. Overal en altijd, van alles en van iedereen. Een schending van de privacy, vinden sommige restaurants in de VS. Daarom kom je er met Google Glass niet in. Maar helpt zo’n verbod wel? Kiekjes en filmpjes maak je immers ook met een mobiele telefoon. De tijd dat je ongegeneerd met je minnaar een bord spaghetti naar binnen kon slurpen, ligt ver achter ons. Onze privacy zijn we allang kwijt. Daarover kunnen Onno Hoes en Georgina Verbaan meepraten.

Waarom krijgt Google Glass dan nu de volle laag? Het antwoord is eenvoudig: mensen bekijken elke nieuwe technologie met argusogen. En elke nieuwe technologie zal zich moeten bewijzen. Aan het begin van zijn presentatie laat Robin een treffend filmpje zien. Daarin vertellen mensen waarom zij, anno 1999, géén mobiele telefoon nodig hebben. “Als mensen mij bereiken willen, dan kunnen ze dat met een brief doen.” Het zijn uitspraken die nu behoorlijk lachwekkend op ons overkomen. Grote kans dat we ons over vijftien jaar doodlachen om onze huidige scepsis over Google Glass.

googleglasspieter
Sommige momenten vergeet je nooit. Je eerste zoen, je eerste vakantie zonder je ouders en je eerste ervaring met Google Glass. Gelukkig heeft collega Brigita Masina mijn vroegste Glass-moment vereeuwigd.

Misverstand #2: “Straks heeft iedereen een Google Glass”

Terwijl ik de bril even mag testen, vraag ik Robin ‘wanneer iedereen zo’n apparaat in huis heeft’. Zijn antwoord verrast me: waarschijnlijk nooit. “De bril die je draagt is een prototype. Die zal dus niet zo in de winkels komen te liggen.”

Bovendien komt er straks een veelvoud aan Glass-achtige apparaten op de markt, van verschillende producenten, die verschillen in grootte en vorm. Zo werken onderzoekers nu al aan bionische contactlenzen. Straks lezen we onze e-mails direct van ons hoornvlies. De bril is dan ook maar een tussenstation. Je kunt het vergelijken met de ontwikkeling van de mobiele telefoon: onze smartphones lijken in de verste verte niet op de ‘bakstenen’ van vroeger.

Misverstand #3: “Google Glass gaat ons leven ingrijpend veranderen”

Robin laat in zijn presentatie een aantal interessante toepassingen van Glass zien. Zo gebruiken artsen de bril om foto’s van patiënten te maken. Die foto’s delen ze vervolgens met collega’s. Een second opinion was nog nooit zo simpel. En de app CPRGLASS biedt uitkomst bij het verlenen van eerste hulp bij ongelukken. Het programmaatje helpt je onder meer met reanimeren en spoort de dichtstbijzijnde defibrillator (AED) op.

Nuttige toepassingen, dat is zeker. Maar het zijn geen toepassingen die niet zouden werken op een smartphone of tablet. Ook met een iPhone kan een arts foto’s maken en versturen, bijvoorbeeld. Als apparaat is Google Glass dan ook niet revolutionair. De bril is ‘slechts’ een stuk handzamer en maakt slim gebruik van de bestaande mogelijkheden van mobiel internet.

Toegegeven: met al die voice commands waarmee je Glass bedient, zullen onze straten, kantoren en klaslokalen wel luidruchtiger worden. Een app waarmee je alle lawaai kunt wegtoveren, zoiets lijkt me pas revolutionair!

Afbeelding bovenaan artikel: Giuseppe Costantino. Dit artikel verscheen oorspronkelijk op StoriesGuy.nl.